De mediaan is altijd de middelste waarneming. Voorbeeld:
Van de gegevens “1, 1, 1, 2, 2, 3, 3, 3, 4, 4, 4, 4, 5, 5, 6, 8″ is het getal 3,5 de mediaan. Dit komt omdat er een even aantal waarnemingen zijn en de twee middelste getallen verschillend zijn. In dat geval reken je het gemiddelde van die twee uit.
De mediaan van de gehele waarneming noem je Q2.
Q1 en Q3 zijn de medianen tussen de laagste waarneming en Q2 en tussen de hoogste waarneming en Q2
De mediaan tussen de laagste en Q2 noem je Q1 en de mediaan tussen de hoogste waarneming en Q2 noem je Q3.
Q1 heet het eerste kwartiel en Q3 heet het 3e kwartiel.
Bij het vinden van een mediaan kan het helpen om een getallenlijn te maken.