De stelling van pythagoras (RHZ1² + RHZ2 ² = LZ²) kan worden toegepast bij elke driehoek met een hoek van 90°. Als de hoek geen 90° is, kun je de SIN, COS en TAN gebruiken.

De stelling pythagoras werkt door de 2 zijden aan de rechte hoek (RHZ) in het kwadraat met elkaar op te tellen. De wortel hiervan is dan de lange zijde (LZ).
Voorbeeld 1
Gegeven:
AB = 4 m, AC = 2 m, Bereken BC
Berekening:
RHZ(1)² + RHZ(2)² = LZ²
BC² = 4² + 2² = 20
BC = √20
Voorbeeld 2
Gegeven:
AC = 6 m, BC = 10 m, Bereken AB
Berekening:
LZ² – RHZ(1)² = RHZ(2)²
AB² = 10² – 6² = 64
AB = √64 = 8